Deurne - Zoersel (25,5 km)
7 mei, 2008 door lumaj
Deze keer geen GR 5A wandeling. Met het prachtige weer op zondag 4 mei hadden we geen zin om uren op het openbaar vervoer door te brengen, zodat we opteerden voor een wandeling dichterbij.
Het werd het vervolgstuk van de E 2 verbinding tussen de GR 5A en de GR 5. We stapten eerder al het verbindingsstuk tussen Bazel en Deurne-Rivierenhof (beschreven in de topogids GR 5A Zuid). Het vervolg daarop bestaat uit een klein stukje GR 12 (Amsterdam-Parijs), waarna de GR 565 (Sniederspad) de rest van de verbinding compleet maakt.

Tram 10 bracht ons van Antwerpen-Centrum naar het Rivierenhof in Deurne.
Het stukje GR 12 dat van daar uit gevolgd moet worden stelt niet veel voor, slechts 1,9 km door de bebouwde kom van Deurne om uit te komen op het Wim Saerensplein (eindhalte van tram 12).
Over dit allesbehalve gezellige plein valt weinig te vertellen, behalve dat dit het beginpunt is van het 120 km. lange Renier Sniederspad (GR 565), één van onze oudste GR paden. Vanaf hier volgt onze wandeling deze route om in Zoersel aan te sluiten op de GR 5 - 23,6 km. verder.
Vanaf het plein gaat het nog even door de huizenrijen, om dan plots in weilanden en bij het domein van Ertbrugge te belanden. Deze groene oase ligt geprangd tussen Deurne, Wijnegem en de industriezone bij het Albertkanaal. Het duurt dan ook niet lang voor we de industriezone instappen en vervolgens het kanaal oversteken via de Hoogmolenbrug.
We volgen nu even de oever tot de plaats waar de Schotenvaart uitkomt in het Albertkanaal. De Schotenvaart verbindt Antwerpen met Turnhout en speelde vroeger een belangrijke rol bij de ontwikkeling van de noorderkempen. Via dit kanaal(tje) werd de productie van de talrijke steenbakkerijen naar de stad gebracht en konden de drogere Kempengronden bevloeid worden. Je kunt je bij dit smalle kanaal nog levendig de trekvaart voorstellen. Aanvankelijk waren het de schippersvrouw en de kinderen die de houten schepen voorttrokken. Later namen paarden dit harde karwei over, en nog later kwamen de gemotoriseerde schepen.
Maar onze geschiedkundige beschouwingen werden onderbroken door de activiteiten die plaatsvonden op een terrein langs het Albertkanaal. Hondenclub ‘De Moedige Bijters’ hield een wedstrijd en verwelkomde ons langs het jaagpad met bordjes ‘Opgelet! Hondenwedstrijd’. Had er gestaan ‘Beste hondenliefhebber, gelieve je vriend buiten het terrein aan de leiband te houden want hier komen wandelaars en fietsers, zelfs kinderen, voorbij’, dan had ik er nog sympathie kunnen voor opbrengen.
Waar de Schotenvaart in het Albertkanaal vloeit steken we Sluis 10 over. Het gaat nu weer eventjes door de velden, maar al vlug komen we terecht in uitgestrekte villawijken. Zo komen we bij de Wijnegemse Steenweg waar taverne ‘De Nieuwe Vogelenzang’ al van oudsher bekend staat als een populaire stopplaats voor dagjesmensen en wielertoeristen. Die reputatie lijkt echter tot het verleden te behoren, want vandaag kun je er op het middaguur op het terras alleen terecht om te dineren. Geen stopplaats voor ons dus.
De tocht loopt nu verder langs de steenweg. De terreinen en villa’s wedijveren in omvang en beveiliging. Ongelooflijk hoe groot men hier woont. Het domein ‘Verbrand Hof’ (daterend uit de 16de eeuw) valt bijna niet op tussen al die moderne kastelen. Nergens valt enige beweging te bespeuren, maar we zijn er toch zeker van dat door al die camera’s onze doortocht niet onopgemerkt blijft.

Bij de Wijnegembrug staan we opnieuw aan het Albertkanaal. Het sluiscomplex is hier heel wat indrukwekkender dan de sluis die we eerder passeerden bij de Schotenvaart.
Nu gaat het richting Schilde via de Rode Dreef. Ooit moet dit een prachtige beukendreef geweest zijn. Nu is ze volgebouwd met somptueuze villa’s en zoals altijd valt ons op dat er behalve autoverkeer geen enkele beweging te bespeuren valt. Het lijkt alsof in dit soort wijken iets aanwezig is dat alle leven wegzuigt. Als mens verzink je hier in het niets tegenover de uitgestrekte tuinen en woonpaleizen die alleen maar slaapgelegenheid bieden aan een handjevol overbegoeden.
Juist als de steriliteit van de omgeving ons depressief dreigt te maken loopt het Sniederspad een bos in en bevinden we ons in het domein van het Schildehof. Het vroegere kasteel werd in 1954 met de grond gelijk gemaakt zodat nu alleen de grondvesten midden in de kasteelvijver overblijven. Enkele picknickbanken maken het een aangename plaats om te vertoeven. Het domein beslaat zowat 42 ha. en bevat onder andere de Dodoenstuin, een kruidentuin opgedragen aan de 16de eeuwse geneesheer en kruidenspecialist Rembert Dodoens. Deze Mechelaar publiceerde in 1554 het Cruydeboeck waarin hij meer dan 1000 inheemse planten met hun werking beschreef. Het bleef een standaardwerk tot het begin van de 19de eeuw.
Na het Schildehof gaat het nog enige tijd verder door de levenloze villawijken. We passeren nog een taverne (Schildjeshof), maar ook daar verwittigt een bordje ons dat het voor 14.30 u. enkel als restaurant functioneert. Weer een gemiste kans voor een welgekomen rustpauze.
Zo bereiken we de baan Schilde - Oelegem, en omdat we ondertussen hunkeren naar een gezellig terrasje besluiten we even een ommetje te maken tot in het centrum van Oelegem. Op het marktpleintje vinden we wat we nodig hebben bij een fris witbiertje.
Dan gaat de wandeling verder richting Halle (deelgemeente Zoersel). We lopen eerst door het Provinciaal Domein Vrieselhof (waar je nog gewoon iets kunt drinken, hadden we dat maar geweten, dan hoefden we de omweg naar Oelegem niet te maken) en komen dan wat verder terecht in mooie bossen. Hier krijgen we voor het eerst de indruk dat we in de Antwerpse Kempen beland zijn. Het contrast met het residentiële Schilde kon niet groter zijn.
Eens in Halle is het nog een kleine 3 km. tot het eindpunt van deze wandeling: het Boshuisje in Zoersel.
Op deze plaats kruist het Sniederspad de beroemde GR 5 route, het Noordzee - Riviera wandelpad.
Het Boshuisje zelf is een van oudsher bekende pleisterplaats midden het meer dan 400 ha. grote Zoerselbos. Midden de 19de eeuw was ook Hendrik Conscience een regelmatige bezoeker tijdens zijn wandelingen in deze bossen. Het Boshuisje wordt als decor opgevoerd in enkele van zijn boeken, met als bekendste De Loteling. Uiteraard serveert het Boshuisje nu ook Loteling bier (gebrouwen in Oost-Vlaanderen) …
Zelfs Willy Vandersteen kende de plaats, want in het Suske & Wiske album De Gouden Ganzenveer komt het Boshuisje ook voor.

Aan het Boshuisje hielden we op de kilometers te tellen van deze wandeling.
Waar we niet op gerekend hadden was dat het na de ruime portie spare ribs nog goed 4 km. stappen was tot we in Zandhoven een bushalte vonden met zondagsbediening om terug in Antwerpen te raken. Pffffffffff !
[...] en foto’s op de Lumaj [...]